Language of document : ECLI:EU:C:2014:2086





Arrest van het Hof (Vijfde kamer) van 17 juli 2014 – Commissie/Griekenland

(Zaak C‑600/12) 1(1)

„Niet-nakoming – Milieu – Beheer van afvalstoffen – Richtlijnen 2008/98/EG, 1999/31/EG en 92/43/EEG – Afvalstortplaats op het eiland Zakynthos – Maritiem nationaal park van Zakynthos – Natura 2000-gebied – Zeeschildpad Caretta caretta – Verlenging van de geldigheidsduur van de milieuclausules – Geen aanpassingsplan – Exploitatie van een stortplaats – Slecht functioneren – Verzadiging van de stortplaats – Infiltratie van percolaat – Ontoereikende afdekking en spreiding van de afvalstoffen – Uitbreiding van de stortplaats”

1.                     Lidstaten – Verplichtingen – Uitvoering van de richtlijnen – Niet-nakoming – Rechtvaardiging op basis van de interne orde – Ontoelaatbaarheid (Art. 258 VWEU; richtlijn 2008/98 van het Europees Parlement en de Raad; richtlijnen 92/43 en 1999/31 van de Raad) (cf. punten 39, 41)

2.                     Beroep wegens niet-nakoming – Onderzoek van de gegrondheid door het Hof – Situatie die in aanmerking moet worden genomen – Situatie bij het verstrijken van de in het met redenen omkleed advies gestelde termijn (Art. 258 VWEU) (cf. punten 42, 54)

3.                     Beroep wegens niet-nakoming – Onderzoek van de gegrondheid door het Hof – Erkenning van de niet-nakoming door de betrokken lidstaat – Geen invloed (Art. 258 VWEU) (cf. punt 46)

4.                     Beroep wegens niet-nakoming – Bewijs van de niet-nakoming – Bewijslast rustend op de Commissie – Elementen die de niet-nakoming aantonen – Weerlegging taak van de betrokken lidstaat (Art. 258 VWEU) (cf. punten 49, 50)

5.                     Milieu – Afvalstoffen – Richtlijn 2008/98 – Verplichting van de lidstaten om te zorgen voor de nuttige toepassing of de verwijdering van de afvalstoffen – Resultaatsverplichting – Beoordelingsmarge van de lidstaten ter zake van de te treffen maatregelen – Grenzen – Voortbestaan van een niet-conforme situatie gedurende een langere tijd met als gevolg een significante verslechtering van het milieu – Niet-nakoming (Richtlijn 2008/98 van het Europees Parlement en de Raad, art. 13) (cf. punten 51, 52)

6.                     Milieu – Afvalstoffen – Storten van afvalstoffen – Richtlijn 1999/31 – Nationale maatregel houdende verlening van een vergunning voor de exploitatie van een stortplaats zonder dat er een aanpassingsplan bestaat en zonder dat op basis van een goedgekeurd aanpassingsplan definitief is beslist over de voortzetting van de exploitatie – Niet-nakoming (Art. 258 VWEU; richtlijn 1999/31 van de Raad, art. 14, sub a‑c) (cf. punt 72)

7.                     Milieu – Instandhouding van de natuurlijke habitats en van de wilde flora en fauna – Richtlijn 92/43 – Goedkeuring van een plan of een project betreffende een beschermd gebied – Voorwaarden – Passende beoordeling van de gevolgen daarvan – Identificatie van de aspecten die de instandhoudingsdoelstellingen van het beschermd gebied in gevaar kunnen brengen (Richtlijn 92/43 van de Raad, art. 6, leden 3, eerste volzin, en 4) (cf. punten 74‑76, 79)

Dictum

1)

De Helleense Republiek is,

–        door op het eiland Zakynthos, te Gryparaiika, in de regio Kalamaki (Griekenland), de exploitatie te handhaven van een stortplaats die gebreken vertoont, verzadigd is en niet voldoet aan de milieuvoorwaarden en ‑vereisten van de Unieregeling als bepaald in de artikelen 13 en 36, lid 1, van richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen, en in de artikelen 8, 9, 11, lid 1, sub a, 12 en 14 van richtlijn 1999/31/EG van de Raad van 26 april 1999 betreffende het storten van afvalstoffen, en

–        door de stortplaatsvergunning voor de betrokken plek te vernieuwen zonder de procedure van artikel 6, lid 3, van richtlijn 92/43/EEG van de Raad van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna in acht te nemen,

de krachtens genoemde bepalingen op haar rustende verplichtingen niet nagekomen.

2)

De Helleense Republiek wordt verwezen in de kosten.


1 – PB C 63 van 2.3.2013.