Language of document :

Beroep ingesteld op 23 december 2016 – Europese Commissie / Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

(Zaak C-669/16)

Procestaal: Engels

Partijen

Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: J. Norris-Usher, C. Hermes, gemachtigden)

Verwerende partij: Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland

Conclusies

verklaren dat het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, door na te laten gebieden aan te wijzen voor de bescherming van de soort phocoena phocoena (bruinvis), de verplichtingen niet is nagekomen die op hem rusten krachtens artikel 4, lid 1, van richtlijn 92/43/EEG1 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna, en bijlage II en bijlage III daarbij;

verklaren dat door het daarmee verband houdende verzuim om bij te dragen tot de totstandkoming van een Natura 2000-netwerk al naar gelang van de aanwezigheid op zijn grondgebied van de habitats van de soort „bruinvis” (phocoena phoecoena), het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland ook de verplichtingen die krachtens artikel 3, lid 2, van deze richtlijn op hem rusten, niet is nagekomen;

het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland verwijzen in de kosten.

Middelen en voornaamste argumenten

De bruinvis (phocoena phocoena) is een soort walvisachtige die is vermeld in bijlage II bij de Habitatrichtlijn als een soort die van communautair belang is en waarvoor speciale beschermingszones moeten worden aangewezen. Een significante populatie van deze soort in de Europese Unie komt voor in de mariene wateren waarover het Verenigd Koninkrijk soevereine rechten uitoefent.

Krachtens de artikelen 3, lid 2, en 4, lid 1, van de Habitatrichtlijn, alsmede de bijlagen II en III daarbij, dient een lidstaat, indien de bruinvis in zijn mariene wateren voorkomt, gebieden voor te stellen voor de bescherming ervan, en daarmee een bijdrage te leveren tot de totstandkoming van het Natura 2000-netwerk. Volgens de rechtspraak van het Hof van Justitie moet de voorgestelde lijst van gebieden uitputtend zijn.

Het Verenigd Koninkrijk heeft onvoldoende gebieden voor de bruinvis voorgesteld.

____________

1 PB 1992, L 206, blz. 7.