Language of document : ECLI:EU:F:2012:151

BESCHIKKING VAN DE PRESIDENT VAN DE DERDE KAMER VAN HET GERECHT VOOR AMBTENARENZAKEN VAN DE EUROPESE UNIE

8 november 2012 (*)

„Doorhaling – Afstand van instantie door verzoeker – Verdeling van kosten”

In zaak F‑69/12,

betreffende een beroep krachtens artikel 270 VWEU,

Abraham Dekker, ambtenaar van Europol, wonende te Dordrecht (Nederland), vertegenwoordigd door N. D. Dane, advocaat,

verzoeker,

tegen

Europese Politiedienst (Europol), vertegenwoordigd door D. Neumann, D. El Khoury en J. Arnould als gemachtigden,

verweerder,

geeft

DE PRESIDENT VAN DE DERDE KAMER VAN HET GERECHT VOOR AMBTENARENZAKEN

de navolgende

Beschikking

1        Bij brief, ingekomen ter griffie van het Gerecht op 27 september 2012, heeft Dekker het Gerecht overeenkomstig artikel 74 van het Reglement voor de procesvoering van het Gerecht meegedeeld dat hij afstand deed van instantie in de procedure ingeleid op 3 juli 2012, naar aanleiding van de maatregelen die waren genomen om hem een invaliditeitspensioen in overeenstemming met de bepalingen van het statuut voor de personeelsleden van Europol te verzekeren.

2        In zijn schrijven van 27 september 2012 heeft verzoeker het Gerecht verzocht artikel 89, lid 5, tweede volzin, van het Reglement voor de procesvoering toe te passen en Europol te verwijzen in alle kosten, aangezien hij gedwongen was zich ter bewaring van zijn recht tot het Gerecht te wenden.

3        Europol is in kennis gesteld van de afstand van instantie door verzoeker en heeft het Gerecht bij brief van 17 oktober 2010 laten weten daaromtrent geen opmerkingen te hebben.

4        Niettemin heeft Europol in deze brief te kennen gegeven zich te „[refereren] aan het oordeel van het Gerecht wat de verwijzing in proceskosten betreft”, doch te betwisten dat deze te zijnen laste moeten komen, zoals verzoeker betoogt.

 Afstand van instantie

5        Verzoeker heeft schriftelijk laten weten dat hij afstand doet van instantie en heeft zijn beslissing niet laten afhangen van de vraag of Europol verwijzing in de kosten aanvaardt. Hij doet derhalve zuiver afstand van instantie. Bijgevolg staat niets eraan in de weg daarvan krachtens artikel 74 van het Reglement voor de procesvoering akte te verlenen.

6        Mitsdien dient krachtens artikel 74 van het Reglement voor de procesvoering de doorhaling van deze zaak in het register van het Gerecht te worden gelast.

 Kosten

7        Artikel 89, lid 5, van het Reglement voor de procesvoering luidt:

„De partij die afstand doet van instantie, wordt in de proceskosten veroordeeld, voor zover dit door de andere partij in haar opmerkingen over de afstand van instantie is gevorderd. Op vordering van eerstbedoelde partij wordt evenwel de wederpartij in de kosten veroordeeld, indien dit op grond van de houding van deze partij gerechtvaardigd lijkt.”

8        In casu moet de context van het beroep in aanmerking worden genomen, dat betrekking heeft op de uitvoering van een minnelijke regeling tussen partijen. Bovendien heeft verzoeker geen enkel concreet argument aangevoerd dat de verwijzing van Europol in de kosten rechtvaardigt. Tot slot heeft Europol zelf in zijn opmerkingen over de afstand van instantie niet formeel gevorderd verzoeker in alle kosten te verwijzen.

9        In deze omstandigheden dient te worden beslist dat elke partij haar eigen kosten zal dragen.


DE PRESIDENT VAN DE DERDE KAMER VAN HET GERECHT VOOR AMBTENARENZAKEN

beschikt:

1)      Zaak F‑69/12, Dekker/Europol, wordt doorgehaald in het register van het Gerecht.

2)      Elke partij draagt haar eigen kosten.

Luxemburg, 8 november 2012.

De griffier

 

      De president

W. Hakenberg

 

      S. Van Raepenbusch

De tekst van deze beslissing alsmede van de hierin aangehaalde beslissingen van de rechterlijke instanties van de Europese Unie zijn beschikbaar op de website www.curia.europa.eu.


* Procestaal: Nederlands.