Language of document :

Beroep ingesteld op 16 november 2012 - ZZ / Commissie

(Zaak F-142/12)

Procestaal: Frans

Partijen

Verzoekende partij: ZZ (vertegenwoordigers: B. Cambier en A. Paternostre, advocaten)

Verwerende partij: Europese Commissie

Voorwerp en beschrijving van het geding

Nietigverklaring van het besluit van de Commissie waarbij wordt beslist over het door verzoeker op grond van artikel 73 van het Statuut ingediende verzoek om te erkennen dat zijn ziekte een beroepsziekte is, waarbij wordt vastgesteld dat zijn percentage blijvende gedeeltelijke invaliditeit 20 % bedraagt en de datum van stabilisatie van het letsel op 25 februari 2010 wordt bepaald, en vergoeding van zijn materiële en immateriële schade

Conclusies van de verzoekende partij

vaststellen dat de Commissie aansprakelijk is voor miskenning van de redelijke termijn en voor verschillende fouten die zij of haar organen hebben gemaakt bij het onderzoek van het door verzoeker op grond van artikel 73 van het Statuut ingediende verzoek om te erkennen dat zijn ziekte een beroepsziekte is, en dientengevolge;

de besluiten van het TABG van 11 januari en 7 augustus 2012 nietig verklaren;

de Commissie veroordelen tot betaling aan verzoeker en aan zijn gezin van een bedrag van 100 000 EUR ter vergoeding van de immateriële schade die verzoeker specifiek, los van zijn ziekte heeft geleden;

verklaren dat de Commissie aansprakelijk is voor verschillende door haar en haar organen gemaakte fouten, die hebben bijgedragen tot het ontstaan, het in stand houden en de verslechtering van verzoekers gezondheidstoestand en haar derhalve veroordelen tot betaling aan verzoeker van het bedrag van 1 798 650 EUR ter vergoeding van zijn materiële schade alsmede van het bedrag van 145 850 EUR ter vergoeding van zijn immateriële schade en diverse kosten, welk bedrag moet worden verminderd met het bedrag van 268 679,44 EUR dat verzoeker krachtens artikel 73 van het Statuut reeds is uitgekeerd;

de Commissie veroordelen tot betaling van 12 % rente over alle bovengenoemde bedragen en wel vanaf november 2004, de datum waarop een beslissing had kunnen worden genomen over het verzoek dat verzoeker op basis van artikel 73 van het Statuut heeft ingediend;

de Commissie verwijzen in de kosten.

____________