Language of document :

Beroep ingesteld op 31 maart 2014 – Europese Commissie/Helleense Republiek

(Zaak C-149/14)

Procestaal: Grieks

Partijen

Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: M. Patakià en E. Manhaeve)

Verwerende partij: Helleense Republiek

Conclusies

vaststellen dat de Helleense Republiek, door zones die worden gekenmerkt door de aanwezigheid van grond- of oppervlaktewater en aangetast zijn of het risico lopen te worden aangetast door een excessief nitraatgehalte en/of door eutrofiëring, niet aan te wijzen als „voor nitraatverontreiniging kwetsbare zones” (KGN), hetgeen op basis van de beschikbare gegevens noodzakelijk is, de verplichtingen niet is nagekomen die krachtens richtlijn 91/676/EEG1 van de Raad van 12 december 1991 inzake de bescherming van water tegen verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen, op haar rusten, en bovendien, dat de Helleense Republiek, door niet binnen een jaar na de in artikel 3, lid 4, van de richtlijn bedoelde aanwijzingen de actieprogramma’s op te stellen waarnaar in artikel 5 van deze richtlijn wordt verwezen, daarnaast het bepaalde in artikel 5, lid 1, van richtlijn 91/676/EEG van de Raad van 12 december 1991 inzake de bescherming van water tegen verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen, niet is nagekomen;

de Helleense Republiek verwijzen in de kosten.

Middelen en voornaamste argumenten

1.    De richtlijn inzake verontreiniging door nitraten heeft tot doel waterverontreiniging die wordt veroorzaakt of teweeggebracht door nitraten uit agrarische bronnen te verminderen en verdere verontreiniging van dien aard te voorkomen. De richtlijn verplicht de lidstaten diverse maatregelen vast te stellen om deze doelstelling te verwezenlijken, waaronder de aanwijzing van zones op het grondgebied van de lidstaten met:

a)    zoet oppervlaktewater en/of grondwater (artikel 3, bijlage 1) dat een hogere nitraatconcentratie bevat of zou kunnen bevatten dan 50 mg/l, indien de maatregelen overeenkomstig de richtlijn inzake verontreiniging door nitraten achterwege blijven, en

b)    zoet water, estuaria, kustwateren en zeewater dat eutroof is of zou kunnen worden indien maatregelen achterwege blijven.

De bovengenoemde zones worden „voor nitraatverontreiniging kwetsbare zones” (KGN) genoemd.

2.    De Commissie heeft een technische analyse uitgevoerd van de aanwijzing van KGN door de Helleense Republiek in de context van de richtlijn en op basis van haar analyse geconcludeerd dat de KGN moesten worden uitgebreid om volledig te voldoen aan de bepalingen van de richtlijn.

3.    Uit de gegevens over het nitraatgehalte die de Helleense Republiek aan de Commissie heeft voorgelegd (op basis van artikel 10 van de richtlijn, voor de periode 2004-2007 en voor de periode 2008-2011) en tevens op basis van de gegevens over de gemiddelde waarden en maximumwaarden voor het nitraatgehalte in grondwater en in geëutrofieerd oppervlaktewater (tabellen 3 en 4) heeft de Commissie 9 zones vastgesteld die als KGN moeten worden aangewezen en/of waarvoor de momenteel aangewezen zone moet worden uitgebreid.

4.    Nadat de Commissie haar analyse per zone had afgerond, heeft zij beroep ingesteld bij het Hof en een verklaring gevorderd dat de Helleense Republiek, door zones die worden gekenmerkt door de aanwezigheid van grond- of oppervlaktewater en aangetast zijn of het risico lopen te worden aangetast door een excessief nitraatgehalte en/of door eutrofiëring, niet aan te wijzen als „voor nitraatverontreiniging kwetsbare zones”, hetgeen op basis van de beschikbare gegevens noodzakelijk is, de verplichtingen niet is nagekomen die krachtens artikel 3, lid 4, van richtlijn 91/676/EEG van de Raad van 12 december 1991 inzake de bescherming van water tegen verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen, op haar rusten.

5.    Bovendien is de Helleense Republiek, door niet binnen een jaar na de in artikel 3, lid 4, van de richtlijn bedoelde aanwijzingen de actieprogramma’s op te stellen waarnaar in artikel 5 van deze richtlijn wordt verwezen, daarnaast het bepaalde in artikel 5, lid 1, van richtlijn 91/676/EEG van de Raad van 12 december 1991 inzake de bescherming van water tegen verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen, niet nagekomen.

____________

____________

1 PB L 375, blz. 1.