Language of document : ECLI:EU:T:2015:80





Beschikking van het Gerecht (Derde kamer) van 2 februari 2015 – Gascogne Sack Deutschland en Gascogne/Europese Unie

(Zaak T‑577/14)

„Beroep tot schadevergoeding – Redelijke termijn – Onjuiste aanduiding van de verwerende partij – Vertegenwoordiging van de Unie – Afwijzing van de exceptie van niet-ontvankelijkheid”

1.                     Gerechtelijke procedure – Inleidend verzoekschrift – Vormvereisten – Aanduiding van de verwerende partij – Aanduiding van de Unie in een beroep tot schadevergoeding – Ontvankelijkheid [Art. 256, lid 1, VWEU, 268 VWEU en 340, tweede alinea, VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 21; Reglement voor de procesvoering van het Gerecht, art. 44, lid 1, b)] (cf. punten 15‑19)

2.                     Beroep tot schadevergoeding – Beroep tegen een instelling die de aansprakelijkheid van de Unie zou hebben doen ontstaan – Ontvankelijkheid – Voorwaarden (Art. 13 VEU en 19 VEU; art. 256, lid 1, VEU, 268 VWEU en 340, tweede alinea, VWEU) (cf. punten 22‑29, 35, 38, 43)

3.                     Gerechtelijke procedure – Duur van de procedure voor het Gerecht – Redelijke termijn – Geschil over het bestaan van een inbreuk op de mededingingsregels – Niet-inachtneming van de redelijke termijn – Gevolgen – Niet-contractuele aansprakelijkheid – Verzoek op basis van de buitensporig lange duur van de procedure voor het Gerecht – Samenstelling van de rechtsprekende formatie (Art. 256, lid 1, VWEU, 268 VWEU en 340, tweede alinea, VWEU; Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, art. 47, tweede alinea) (cf. punten 54‑64)

Voorwerp

Beroep tot vergoeding van de schade die verzoeksters stellen te hebben geleden wegens de onredelijke duur van de procedure, voor het Gerecht, in de zaken T‑72/06, Groupe Gascogne/Commissie, en T‑79/06, Sachsa Verpackung/Commissie

Dictum

1)

De exceptie van niet-ontvankelijkheid wordt verworpen.

2)

De beslissing omtrent de kosten wordt aangehouden.