Language of document :

Arrest van het Hof (Negende kamer) van 17 september 2015 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Rechtbank Amsterdam - Nederland) – C. van der Lans / Koninklijke Luchtvaart Maatschappij NV

(Zaak C-257/14)1

[Prejudiciële verwijzing – Luchtvervoer – Rechten van passagiers bij vertraging of annulering van vluchten – Verordening (EG) nr. 261/2004 – Artikel 5, lid 3 – Instapweigering en annulering van vluchten – Langdurige vertraging van vluchten – Compensatie en bijstand van passagiers – Buitengewone omstandigheden]

Procestaal: Nederlands

Verwijzende rechter

Rechtbank Amsterdam

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: C. van der Lans

Verwerende partij: Koninklijke Luchtvaart Maatschappij NV

Dictum

Artikel 5, lid 3, van verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van verordening (EEG) nr. 295/91 moet aldus worden uitgelegd dat een technisch probleem als dat in het hoofdgeding dat zich plotseling heeft voorgedaan, niet aan gebrekkig onderhoud is toe te schrijven en evenmin tijdens een regulier onderhoud is ontdekt, niet onder het begrip „buitengewone omstandigheden” in de zin van deze bepaling valt.

____________

1 PB C 303 van 8.9.2014.