Language of document :

Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Bundesgerichtshof (Duitsland) op 23 mei 2016 – Slowaakse Republiek / Achmea BV

(Zaak C-284/16)

Procestaal: Duits

Verwijzende rechter

Bundesgerichtshof

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: Slowaakse Republiek

Verwerende partij: Achmea BV

Prejudiciële vragen

Staat artikel 344 VWEU in de weg aan de toepassing van een regeling in een bilaterale overeenkomst tussen lidstaten van de Unie tot bescherming van investeringen (een zogenaamd BIT binnen de Unie), die inhoudt dat een investeerder van een van de overeenkomstsluitende lidstaten in het geval van een geschil betreffende investeringen in de andere overeenkomstsluitende lidstaat een procedure voor een scheidsgerecht tegen laatstgenoemde mag inleiden, wanneer de overeenkomst tot bescherming van investeringen vóór de toetreding van een van de overeenkomstsluitende lidstaten tot de Unie is gesloten, maar de arbitrageprocedure pas daarna wordt ingeleid?

Indien de eerste prejudiciële vraag ontkennend moet worden beantwoord:

Staat artikel 267 VWEU in de weg aan de toepassing van een dergelijke regeling?

Ingeval de eerste en de tweede prejudiciële vraag ontkennend worden beantwoord:

Staat artikel 18, eerste alinea, VWEU in omstandigheden als beschreven in de eerste prejudiciële vraag in de weg aan de toepassing van een dergelijke regeling?

____________