Language of document :

Beschikking van het Gerecht voor ambtenarenzaken (Eerste kamer) van 1 augustus 2016 – Poniskaitis / Commissie

(Zaak F-121/13)1

(Openbare dienst – Ambtenaren – Pensioenen – Artikel 11, lid 2, van bijlage VIII bij het Statuut – Overdracht aan de pensioenregeling van de Unie van krachtens andere regelingen verkregen pensioenrechten – Besluit tot toekenning van extra pensioenjaren waarbij toepassing wordt gegeven aan de nieuwe AUB van de artikelen 11 en 12 van bijlage VIII bij het Statuut – Artikel 81 van het Reglement voor de procesvoering – Beroep kennelijk ongegrond)

Procestaal: Frans

Partijen

Verzoekende partij: Jonas Poniskaitis (Brussel, België) (vertegenwoordigers: aanvankelijk D. de Abreu Caldas en J.-N. Louis, advocaten, vervolgens J.-N. Louis, advocaat)

Verwerende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: aanvankelijk J. Currall en G. Gattinara, gemachtigden, vervolgens G. Gattinara, gemachtigde)

Voorwerp

Verzoek om nietigverklaring van de besluiten betreffende de overdracht van verzoekers pensioenrechten aan de pensioenregeling van de Unie, waarbij toepassing wordt gegeven aan de nieuwe AUB van de artikelen 11 en 12 van bijlage VIII bij het Ambtenarenstatuut

Dictum

Het beroep wordt kennelijk ongegrond verklaard.

Elke partij draagt haar eigen kosten.

____________

1 PB C 52 van 22.2.2014, blz. 53.