Language of document :

Beschikking van het Gerecht voor ambtenarenzaken (Derde kamer) van 15 juni 2016 – Poniskaitis / Commissie

(Zaak F-152/12)1

(Openbare dienst – Ambtenaren – Pensioenen – Overdracht van nationale pensioenrechten – Voorstel voor extra pensioenjaren – Geen bezwarende handeling – Niet-ontvankelijkheid van het beroep – Verzoek om uitspraak te doen zonder daarbij op de zaak ten gronde in te gaan – Artikel 83 van het Reglement voor de procesvoering)

Procestaal: Frans

Partijen

Verzoekende partij: Jonas Poniskaitis (Brussel, België) (vertegenwoordigers: aanvankelijk D. de Abreu Caldas, A. Coolen, J.-N. Louis, É. Marchal en S. Orlandi, advocaten, vervolgens D. de Abreu Caldas, J.-N. Louis en S. Orlandi, advocaten, daarna J.-N. Louis et S. Orlandi, advocaten, ten slotte J.-N. Louis, advocaat)

Verwerende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: aanvankelijk D. Martin en G. Gattinara, gemachtigden, vervolgens J. Currall en G. Gattinara, gemachtigden, daarna G. Gattinara, gemachtigde, vervolgens G. Gattinara en F. Simonetti, gemachtigden)

Voorwerp

Verzoek om nietigverklaring van het besluit om de extra vóór indiensttreding verworven pensioenrechten te berekenen op basis van de nieuwe AUB

Dictum

Het beroep wordt verworpen.

Poniskaitis draagt zijn eigen kosten en wordt verwezen in de kosten van de Europese Commissie.

____________

1 PB C 71 van 9.3.2013, blz. 30.