Language of document : ECLI:EU:C:2016:527

Zaak C‑476/14

Citroën Commerce GmbH

tegen

Zentralvereinigung des Kraftfahrzeuggewerbes zur Aufrechterhaltung lauteren Wettbewerbs eV (ZLW)

(verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door het Bundesgerichtshof)

„Prejudiciële verwijzing – Richtlijnen 98/6/EG en 2005/29/EG – Bescherming van de consument – Advertentie met prijsaanduiding – Begrippen ,aanbod’ en ,prijs inclusief belastingen’ – Verplichting tot aanduiding van de verkoopprijs van een auto inclusief de verplichte bijkomende kosten van het transport van die auto”

Samenvatting – Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 7 juli 2016

1.        Bescherming van de consument – Bescherming van de consument inzake de prijsaanduiding van aan de consument aangeboden producten – Richtlijn 98/6 – Advertentie met prijsaanduiding – Producentenprijs – Begrip – Verplichting tot aanduiding van de verkoopprijs van een auto inclusief de verplichte bijkomende kosten van het transport van deze auto

[Richtlijn 98/6 van het Europees Parlement en de Raad, art. 1, lid 2, a), en 3, lid 4]

2.        Bescherming van de consument – Oneerlijke handelspraktijken van ondernemingen jegens consumenten – Richtlijn 2005/29 – Werkingssfeer – Advertentie met prijsaanduiding – Daarvan uitgesloten – Toepassing van richtlijn 98/6

(Richtlijnen van het Europees Parlement en de Raad 98/6, art. 3, lid 4, en 2005/29, art. 3, lid 4)

1.        Artikel 3 van richtlijn 98/6 betreffende de bescherming van de consument inzake de prijsaanduiding van aan de consument aangeboden producten, gelezen in samenhang met haar artikel 1 en artikel 2, onder a), ervan, moet aldus worden uitgelegd dat de kosten van het transport van een auto van de fabrikant naar de verkoper, die ten laste zijn van de consument, moeten zijn begrepen in de verkoopprijs van dat voertuig, zoals aangeduid in een advertentie van een verkoper, wanneer deze advertentie, gelet op alle kenmerken ervan, in de ogen van de consument een aanbod betreffende dat voertuig vormt. Het staat aan de nationale rechter om na te gaan of aan deze voorwaarden is voldaan.

Artikel 3, lid 4, van richtlijn 98/6 voorziet weliswaar niet in een algemene verplichting tot aanduiding van de verkoopprijs, maar een advertentie die zowel de specifieke kenmerken van het aangeboden product vermeldt, als een prijs die in de ogen van een normaal geïnformeerde en redelijk omzichtige en oplettende consument lijkt op de verkoopprijs van dat product, alsmede een datum tot wanneer het aanbod voor de consument geldig blijft, kan door een dergelijke consument worden beschouwd als een aanbod van de verkoper om dat product te verkopen onder de in deze advertentie vermelde voorwaarden. In dat geval moet de aldus aangeduide prijs voldoen aan de voorwaarden van richtlijn 98/6. Die prijs moet meer bepaald de verkoopprijs van het betrokken product zijn, te weten de uiteindelijke prijs ervan in de zin van artikel 2, onder a), van de richtlijn. De verkoopprijs moet als uiteindelijke prijs alle onvermijdbare en voorzienbare elementen van de prijs bevatten, die verplicht ten laste van de consument zijn en de tegenprestatie in geld voor de aankoop van het betrokken product vormen. Wanneer de verkoper die een product verkoopt, eist dat de consument de kosten van het transport van dat product van de fabrikant naar die verkoper voor zijn rekening neemt, met als gevolg dat die – overigens onveranderlijke – kosten verplicht ten laste van de consument vallen, vormen die kosten bijgevolg een element van de verkoopprijs in de zin van artikel 2, onder a), van richtlijn 98/6.

(cf. punten 30, 31, 37, 38, 47 en dictum)

2.        Richtlijn 98/6 betreffende de bescherming van de consument inzake de prijsaanduiding van aan de consument aangeboden producten regelt specifieke aspecten, in de zin van artikel 3, lid 4, van richtlijn 2005/29 betreffende oneerlijke handelspraktijken van ondernemingen jegens consumenten op de interne markt, van mogelijk oneerlijke handelspraktijken in de verhoudingen tussen handelaren en consumenten, met name inzake de aanduiding van de verkoopprijs in verkoopaanbiedingen en in reclame. Aangezien het aspect betreffende de verkoopprijs die in een advertentie wordt vermeld, door richtlijn 98/6 wordt geregeld, is richtlijn 2005/29 in die omstandigheden niet op dit aspect van toepassing.

(cf. punten 44, 45)