Language of document : ECLI:EU:C:2019:525


 


 



Beschikking van het Hof (Zevende kamer) van 20 juni 2019 –
FCA US/EUIPO

(Zaak C795/18 P)

„Hogere voorziening – Artikel 181 van het Reglement voor de procesvoering van het Hof – Uniemerk – Nietigheidsprocedure – Gedeeltelijke nietigverklaring – Woordmerk VIPER – Ouder nationaal woordmerk VIPER – Normaal gebruik van het oudere merk”

1.      Uniemerk – Beslissingen van het Bureau – Eerbiediging van de rechten van de verdediging – Draagwijdte van het beginsel – Nietigverklaring – Voorwaarde

(Verordening nr. 207/2009 van de Raad)

(zie punt 5)

2.      Hogere voorziening – Middelen – Bestrijding van het voor het Gerecht bestreden besluit en niet van het arrest van het Gerecht – Niet-ontvankelijkheid

(Art. 256 VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 58, eerste alinea)

(zie punt 5)

3.      Hogere voorziening – Middelen – Loutere herhaling van de voor het Gerecht aangevoerde middelen en argumenten – Kennelijke niet-ontvankelijkheid

[Art. 256 VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 58, eerste alinea; Reglement voor de procesvoering van het Hof, art. 168, lid 1, d), en 169, lid 2]

(zie punt 5)

4.      Hogere voorziening – Middelen – Onjuiste beoordeling van de feiten en het bewijsmateriaal – Niet-ontvankelijkheid – Toetsing door het Hof van de beoordeling van de feiten en het bewijsmateriaal – Uitgesloten, behoudens het geval van een onjuiste opvatting

(Art. 256, lid 1, VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 58, eerste alinea)

(zie punt 5)

Dictum

1)

De hogere voorziening wordt ten dele kennelijk niet-ontvankelijk en ten dele kennelijk ongegrond verklaard.

2)

FCA US LLC draagt haar eigen kosten.