Language of document : ECLI:EU:F:2010:110

BESCHIKKING VAN DE PRESIDENT VAN HET GERECHT VOOR AMBTENARENZAKEN VAN DE EUROPESE UNIE

28 september 2010 (*)

„Doorhaling”

In de zaken F‑39/10 en F‑39/10 R,

betreffende een beroep, ingesteld krachtens artikel 270 VWEU, op het EGA-Verdrag van toepassing krachtens artikel 106 bis daarvan, alsmede een beroep, ingesteld krachtens artikel 278 VWEU en artikel 157 EA, en krachtens artikel 279 VWEU, op het EGA-Verdrag van toepassing krachtens artikel 106 bis daarvan,

Simone Thérèse De Roos-Le Large, wonende te ’s-Hertogenbosch (Nederland), vertegenwoordigd door E. Lutjens en H. van Loon, advocaten,

verzoekster,

tegen

Europese Commissie,

verweerster,

geeft

DE PRESIDENT VAN HET GERECHT VOOR AMBTENARENZAKEN

de navolgende

Beschikking

1        Bij brief, ingekomen ter griffie per fax op 29 juni 2010 (met neerlegging van het origineel op 1 juli daaraanvolgend), heeft verzoekster het Gerecht meegedeeld, afstand te doen van instantie op grond van artikel 74 van het Reglement voor de procesvoering.

2        Daar de afstand is gedaan voordat het verzoekschrift aan verweerster is betekend, behoeft laatstgenoemde niet te worden verzocht, over deze afstand haar opmerkingen te maken.

3        Bijgevolg dient de onderhavige zaak overeenkomstig artikel 74 van het Reglement voor de procesvoering in het register van het Gerecht te worden doorgehaald.

4        Gelet op de doorhaling van de onderhavige zaak, behoeft geen uitspraak meer te worden gedaan over het verzoek in kort geding in zaak F‑39/10 R.

5        Overeenkomstig artikel 89, lid 5, van het Reglement voor de procesvoering wordt de partij die afstand doet van instantie, verwezen in de proceskosten, voor zover dit door de wederpartij in haar opmerkingen over de afstand van instantie is gevorderd. Op vordering van eerstbedoelde partij wordt evenwel de wederpartij in de kosten veroordeeld, indien dit op grond van de houding van deze partij gerechtvaardigd lijkt.

6        Bij gebreke van opmerkingen van verweerster over de afstand (zie punt 2 supra), en derhalve ook van een conclusie ten aanzien van de kosten, is artikel 89, lid 5, van het Reglement voor de procesvoering in casu niet van toepassing.

7        Derhalve dient artikel 89, lid 3, van het Reglement voor de procesvoering te worden toegepast, dat bepaalt dat bij gebreke van een conclusie ten aanzien van de proceskosten, elk van de partijen haar eigen kosten draagt.

8        Daar de afstand in casu is gedaan voordat het verzoekschrift aan verweerster is betekend en derhalve voordat zij kosten heeft kunnen maken, behoeft slechts te worden beslist dat verzoekster haar eigen kosten zal dragen, daaronder begrepen de kosten van het kort geding.

DE PRESIDENT VAN HET GERECHT VOOR AMBTENARENZAKEN

beschikt:

1)      Zaak F‑39/10, De Roos-Le Large/Europese Commissie, wordt doorgehaald in het register van het Gerecht.

2)      Er behoeft geen uitspraak meer te worden gedaan over het verzoek in kort geding in zaak F‑39/10 R.

3)      De Roos-Le Large zal haar eigen kosten dragen, daaronder begrepen de kosten van het kort geding.

Luxemburg, 28 september 2010.

De griffier

 

       De president

W. Hakenberg

 

      P. Mahoney


* Procestaal: Nederlands.