ARREST VAN HET GERECHT VOOR AMBTENARENZAKEN
VAN DE EUROPESE UNIE

(Derde kamer)

26 maart 2015

Zaak F‑32/14

DO

tegen

Autoriteit voor effecten en markten (ESMA)

„Openbare dienst – Personeel van ESMA – Tijdelijk functionaris – Niet-verlenging van de overeenkomst – Beoordelingsrapport – Te late opstelling van het beoordelingsrapport – Onsamenhangendheid van de algemene en de specifieke beoordelingen”

Betreft:      Beroep, ingesteld krachtens artikel 270 VWEU, waarmee DO het Gerecht vraagt om, ten eerste, nietigverklaring van het besluit van de Europese Autoriteit voor effecten en markten (ESMA) van 13 augustus 2013 om haar overeenkomst van tijdelijk functionaris, die op 15 februari 2014 zou aflopen, niet te verlengen alsmede van haar beoordelingsrapporten over de jaren 2011 en 2012 en, ten tweede, veroordeling van ESMA tot betaling van een vergoeding voor de immateriële schade die zij zou hebben geleden.

Beslissing:      Het beroep wordt verworpen. DO draagt haar eigen kosten en wordt verwezen in de kosten van de Europese Autoriteit voor effecten en markten.

Samenvatting

Ambtenaren – Beoordeling – Beoordelingsrapport – Rechterlijke toetsing – Grenzen

(Ambtenarenstatuut, art. 43)

Behalve in het geval van feitelijke onjuistheid, kennelijk onjuiste beoordeling of misbruik van bevoegdheid, staat het niet aan de Unierechter om de gegrondheid te controleren van de door de administratie uitgebrachte beoordeling van de beroepsbekwaamheden van een ambtenaar, wanneer deze beoordeling gecompliceerde waardeoordelen bevat die naar hun aard niet objectief kunnen worden geverifieerd.

Meer bepaald staat het niet aan het Gerecht voor ambtenarenzaken om zijn oordeel in de plaats te stellen van dat van degenen die het werk van de beoordeelde moeten beoordelen, aangezien de administratie bij de beoordeling van het werk van haar ambtenaren over een ruime beoordelingsbevoegdheid beschikt.

(cf. punt 64)

Referentie:

Gerecht van eerste aanleg: arrest Cwik/Commissie, T‑96/04, EU:T:2005:376, punt 41 en aldaar aangehaalde rechtspraak

Gerecht voor ambtenarenzaken: arrest Nastvogel/Raad, F‑4/10, EU:F:2011:134, punt 32