Hogere voorziening, ingesteld op 4 januari 2019 door het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie tegen het arrest van het Gerecht (Zevende kamer – uitgebreid) van 24 oktober 2018 in zaak T-447/16, Pirelli Tyre/EUIPO

(Zaak C-6/19 P)

Procestaal: Engels

Partijen

Rekwirant: Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (vertegenwoordiger: J. Ivanauskas, gemachtigde)

Andere partijen in de procedure: Pirelli Tyre SpA, The Yokohama Rubber Co. Ltd

Conclusies

het bestreden arrest vernietigen;

Pirelli Tyre SpA verwijzen in de kosten van het Bureau.

Middelen en voornaamste argumenten

Het Bureau voert één middel aan, namelijk schending van artikel 7, lid 1, onder e), ii), van verordening nr. 40/941 .

Het Gerecht heeft de voorwaarden voor de weigeringsgrond van artikel 7, lid 1, onder e), ii), van verordening nr. 40/94 onjuist uitgelegd door te oordelen dat een teken dat een deel van een waar weergeeft, enkel onder die bepaling valt wanneer het kwantitatief en kwalitatief een belangrijk deel van die waar is.

Het Gerecht heeft ten onrechte geoordeeld dat een opzichzelfstaande groef die in het litigieuze teken is weergegeven, geen technische functie in de zin van artikel 7, lid 1, onder e), ii), van verordening nr. 40/94 kan vervullen, omdat het in het loopvlak van een band voorkomt in combinatie met andere bestanddelen. Ten eerste moet overeenkomstig artikel 7, lid 1, onder e), ii), van verordening nr. 40/94 de technische uitkomst van het in het betreffende teken weergegeven kenmerk van een waar worden onderzocht in plaats van de technische uitkomst van de waar in haar geheel. Ten tweede is het voor de toepassing van artikel 7, lid 1, onder e), ii), van verordening nr. 40/94 niet relevant dat een opzichzelfstaande groef die in het litigieuze teken is weergegeven, wordt gecombineerd met andere bestanddelen van het loopvlak van een band, aangezien die groef zelf zorgt voor een technische uitkomst en bijdraagt tot de werking van dat loopvlak.

Het Gerecht heeft ten onrechte aangenomen dat de inschrijving van een opzichzelfstaande groef die in het litigieuze teken is weergegeven, niet kan verhinderen dat de concurrenten van Pirelli banden met identieke of soortgelijke groeven vervaardigen en verkopen. Het loopvlak van een band bestaat weliswaar in de combinatie van en de interactie tussen de verschillende bestanddelen, maar minstens een gedeelte van het publiek is in staat de verschillende soorten groeven op het loopvlak van een band te identificeren.

____________

1 Verordening (EG) nr. 40/94 van de Raad van 20 december 1993 inzake het Gemeenschapsmerk (PB 1994, L 11, blz. 1).