Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Tribunale amministrativo regionale per il Lazio (Italië) op 17 januari 2019 – Telecom Italia SpA / Ministero dello Sviluppo Economico, Ministero dell’Economia e delle Finanze

(Zaak C-34/19)

Procestaal: Italiaans

Verwijzende rechter

Tribunale amministrativo regionale per il Lazio

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: Telecom Italia SpA

Verwerende partij: Ministero dello Sviluppo Economico, Ministero dell’Economia e delle Finanze

Prejudiciële vragen

Kan artikel 22, lid 3, van richtlijn 97/13/EG1 aldus worden uitgelegd dat op grond daarvan ook voor het jaar 1998 de verplichting mag blijven bestaan tot betaling van een heffing of een ander bedrag dat – aangezien het is gebaseerd op hetzelfde deel van de omzet – overeenkomt met het bedrag dat verschuldigd was op grond van de regeling die gold voordat deze richtlijn in werking trad?

Staat richtlijn 97/13/EG, gelet op de arresten van het Hof van Justitie van 18 september 2003 in de gevoegde zaken C-292/01 en C-293/01, en 21 februari 2008 in zaak C-296/06, in de weg aan een in gezag van gewijsde gegane uitspraak die het gevolg is van een onjuiste uitlegging en/of een schending van deze richtlijn, zodat deze uitspraak buiten toepassing kan worden gelaten door een tweede rechter die wordt verzocht te oordelen over een geschil dat op dezelfde inhoudelijke rechtsbetrekking is gebaseerd, maar daarvan verschilt gezien de accessoire aard van de betaling die wordt gevorderd ten opzichte van de betaling die voorwerp was van het geding waarin de in gezag van gewijsde gegane uitspraak is gedaan?

____________

1 Richtlijn 97/13/EG van het Europees Parlement en de Raad van 10 april 1997 betreffende een gemeenschappelijk kader voor algemene machtigingen en individuele vergunningen op het gebied van telecommunicatiediensten (PB 1997, L 117, blz. 15).