Hogere voorziening ingesteld op 11 juni 2019 door SA Close, Cegelec tegen het arrest van het Gerecht (Vierde kamer) van 9 april 2019 in zaak T-259/15, Close en Cegelec/Parlement

(Zaak C-447/19 P)

Procestaal: Frans

Partijen

Rekwirantes: SA Close, Cegelec (vertegenwoordigers: J.-L. Teheux, J.-M. Rikkers, avocats)

Andere partij in de procedure: Europees Parlement

Conclusies

het bestreden arrest vernietigen;

bijgevolg de door rekwirantes in eerste aanleg geformuleerde vorderingen toewijzen en derhalve het besluit van het Parlement van 19 maart 2015 waarbij de overheidsopdracht voor werken betreffende perceel nr. 73 (energiecentrale) van het «project voor de uitbreiding en de modernisering van het gebouw Konrad Adenauer in Luxemburg», referentie INLO-D-UPIL-T-14-A04, is gegund aan de Association Momentanée ENERGIE-KAD (bestaande uit de vennootschappen MERSCH et SCHMITZ PRODUCTION SARL en ENERGOLUX SA) en bijgevolg de offerte van rekwirantes is afgewezen, nietig verklaren;

het Parlement verwijzen in de kosten.

Middelen en voornaamste argumenten

Volgens rekwirantes is het Gerecht zijn motiveringsplicht in de zin van artikel 296 VWEU, artikel 113, lid 2, van het Financieel Reglement en artikel 161, leden 2 en 3, van de uitvoeringsvoorschriften van het Financieel Reglement niet nagekomen.

Het Gerecht heeft tevens de draagwijdte van het in eerste aanleg aangevoerde tweede middel onjuist opgevat, een onjuiste draagwijdte toegekend aan het begrip kennelijk onjuiste beoordeling, aan het beginsel van behoorlijk bestuur en aan de daaruit voortvloeiende verplichtingen en een fout gemaakt in zijn analyse die heeft geleid tot een onjuiste opvatting van de feiten en bewijzen.

Ten slotte betogen rekwirantes dat het bestreden arrest ontoereikend is gemotiveerd, aangezien geenszins wordt ingegaan op bepaalde argumenten die zij hadden aangevoerd.

____________