Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Varhoven administrativen sad (Bulgarije) op 12 november 2019 – TC, UB / Komisia za zashtita ot diskriminatsia, VA

(Zaak C-824/19)

Procestaal: Bulgaars

Verwijzende rechter

Varhoven administrativen sad

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partijen: TC, UB

Verwerende partijen: Komisia za zashtita ot diskriminatsia, VA

Prejudiciële vragen

Leidt de uitlegging van artikel 5, lid 2, van het Verdrag van de Verenigde Naties inzake de rechten van personen met een handicap en van artikel [2], leden 1, 2 en 3, alsmede van artikel 4, lid 1, van richtlijn 2000/78/EG van de Raad van 27 november 2000 tot instelling van een algemeen kader voor gelijke behandeling in arbeid en beroep1 tot de conclusie dat een blinde persoon als jurylid werkzaam mag zijn en mag deelnemen aan een strafrechtelijke procedure, of:

is de concrete handicap van de permanent blinde persoon een kenmerk dat een wezenlijk en bepalend vereiste voor de werkzaamheid van een jurylid vormt, waarvan het bestaan een verschil in behandeling rechtvaardigt en geen discriminatie op grond van het kenmerk „handicap” oplevert?

____________

1 PB 2000, L 303, blz. 16.