Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Augstākā tiesa (Senāts) (Letland) op 27 december 2019 – AS „4finance” / Patērētāju tiesību aizsardzības centrs

(Zaak C-944/19)

Procestaal: Lets

Verwijzende rechter

Augstākā tiesa (Senāts)

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: AS „4finance”

Verwerende partij: Patērētāju tiesību aizsardzības centrs

Prejudiciële vragen

Is het begrip „totale kosten van het krediet voor de consument”, zoals gedefinieerd in artikel 3, onder g), van richtlijn 2008/48/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2008 inzake kredietovereenkomsten voor consumenten en tot intrekking van richtlijn 87/102/EEG van de Raad1 , een autonoom begrip van het Unierecht?

Vallen, in omstandigheden zoals die van de onderhavige zaak, de kosten voor de verlenging van het krediet onder het begrip „totale kosten van het krediet voor de consument”, zoals gedefinieerd in artikel 3, onder g), van richtlijn 2008/48, wanneer de clausules inzake de verlenging van het krediet deel uitmaken van de bepalingen en de voorwaarden van de kredietovereenkomst die zijn overeengekomen tussen de kredietgever en de kredietnemer?

____________

1 PB 2008, L 133, blz. 66.