Beroep ingesteld op 11 juni 2007 - Joseph / Commissie

(Zaak F-54/07)

Procestaal: Frans

Partijen

Verzoekende partij: Anne Joseph (Damascus, Syrië) (vertegenwoordiger: N. Lhoëst, advocaat)

Verwerende partij: Commissie van de Europese Gemeenschappen

Conclusies

nietigverklaring van verzoeksters op 20 juli 2006 ondertekende aanwervingovereenkomst, voor zover de duur ervan wordt vastgesteld op 15 maanden vanaf 16 oktober 2006 en eindigt op 15 januari 2008;

voor zover nodig, nietigverklaring van het uitdrukkelijke besluit van de Commissie van 13 februari 2007 houdende afwijzing van de klacht die verzoekster op 20 oktober 2006 krachtens artikel 90, lid 2, van het Statuut had ingediend;

verwijzing van de verwerende partij in de kosten van de procedure.

Middelen en voornaamste argumenten

Verzoekster vordert nietigverklaring van haar aanwervingovereenkomst als arbeidscontractant in de zin van artikel 3 bis van de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden (RAP), voor zover de duur van die overeenkomst niet op 3 jaar, maar op 15 maanden is gesteld, en dit op basis van, enerzijds, het besluit van de Commissie van 28 april 2004 betreffende de maximumduur van gebruikmaking van niet-permanent personeel in de diensten van de Commissie en, anderzijds, artikel 12 van de algemene uitvoeringsbepalingen betreffende de procedures voor de aanwerving en de inzet van arbeidscontractanten bij de Commissie.

Volgens verzoekster is het besluit van 28 april 2004 en met name artikel 3 ervan onwettig, aangezien het in strijd is met artikel 85, lid 1, eerste alinea, van de RAP. In elk geval is het besluit op grond van artikel 1, lid 2, ervan in casu niet van toepassing, daar verzoekster is belast met essentiële taken.

Verzoekster beroept zich voorts op de onwettigheid van de algemene uitvoeringsbepalingen, in het bijzonder artikel 12 ervan, die in strijd zouden zijn met artikel 85, lid 1, van de RAP. De Commissie heeft zich hoe dan ook schuldig gemaakt aan schending van artikel 12, leden 1 bis en 1 ter, van de uitvoeringsbepalingen, op grond waarvan bij de berekening van de maximumduur van aanwerving van een arbeidscontractant, de duur van een overeenkomst uit hoofde van artikel 3 ter van de RAP niet mag worden opgeteld bij die van een overeenkomst uit hoofde van artikel 3 bis van de RAP.

Bovendien zijn de beginselen van non-discriminatie, behoorlijk bestuur en dienstbelang geschonden.

____________