Beroep ingesteld op 11 augustus 2006 - Antas / Raad

(Zaak F-92/06)

Procestaal: Frans

Partijen

Verzoekende partij: Magdalena Antas (Warschau, Polen) (vertegenwoordigers: S. Orlandi, J.-N. Louis en E. Marchal, advocaten)

Verwerende partij: Raad van de Europese Unie

Conclusies

nietig te verklaren het besluit van de Raad tot afwijzing van de vordering van verzoekster tot vergoeding van de schade die is geleden als gevolg van opeenvolgende fouten van de instelling;

partijen een termijn te stellen waarbinnen zij overeenstemming kunnen bereiken over de gepaste vergoeding van de schade van verzoekster;

de verwerende partij te verwijzen in de kosten van de procedure.

Middelen en voornaamste argumenten

Verzoekster is op 1 november 2003 als hulpfunctionaris in dienst getreden van het secretariaat-generaal van de Raad en haar arbeidsovereenkomst liep af op 31 maart 2005. Met ingang van 1 januari 2005 heeft de Raad haar ambtshalve aangesloten bij het verplichte Belgische socialezekerheidsstelsel, derhalve voor de laatste drie maanden van haar dienstverband. Vervolgens heeft de Raad verzoekster in kennis gesteld van haar aansluiting bij dit stelsel met terugwerkende kracht te rekenen vanaf haar indiensttreding. Doordat zij te laat is aangesloten heeft verzoekster naar haar mening echter niet kunnen voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor een werkloosheidsuitkering, zoals vastgesteld bij het Belgisch koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering1. Daardoor heeft zij niet kunnen bewijzen dat zij over voldoende bestaansmiddelen beschikte om in aanmerking te komen voor een titel tot verblijf van meer dan drie maanden op Belgisch grondgebied, in overeenstemming met artikel 7 van richtlijn 2004/38/EG2. Doordat zij te laat is aangesloten heeft bovendien voor haar bijlage XII bij het Verdrag betreffende de toetreding van Polen tot de Europese Unie niet gegolden, welke haar toegang zou hebben gegeven tot de Belgische arbeidsmarkt.

Tot staving van haar beroep voert verzoekster allereerst schending aan van artikel 70 van de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden, dat de instelling verplicht de hulpfunctionaris aan te sluiten bij een verplicht stelsel van sociale zekerheid en de in de geldende wettelijke voorschriften vastgestelde werkgeversbijdragen ten laste te nemen.

Voorts voert verzoekster schending aan van de artikelen 4 en 8 van het Belgisch Koninklijk besluit van 5 november 2002 tot invoering van een onmiddellijke aangifte van tewerkstelling3.

Tot slot beroept verzoekster zich op schending van de zorgplicht.

____________

1 - Belgisch Staatsblad van 31 december 1991, blz. 29888.

2 - Richtlijn 2004/38/EG van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende het recht van vrij verkeer en verblijf op het grondgebied van de lidstaten voor de burgers van de Unie en hun familieleden, tot wijziging van verordening (EEG) nr. 1612/68 en tot intrekking van richtlijnen 64/221/EEG, 68/360/EEG, 72/194/EEG, 73/148/EEG, 75/34/EEG, 75/35/EEG, 90/364/EEG, 90/365/EEG en 93/96/EEG (PB L 158, blz. 77).

3 - Belgisch Staatsblad van 20 november 2002, blz. 51778.