Language of document : ECLI:EU:C:2005:475

Zaak C‑192/04

Lagardère Active Broadcast

tegen

Société pour la perception de la rémunération équitable (SPRE)

en

Gesellschaft zur Verwertung von Leistungsschutzrechten mbH (GVL)

[verzoek van de Cour de cassation (Frankrijk) om een prejudiciële beslissing]

„Auteursrecht en naburige rechten – Uitzending van fonogrammen – Billijke vergoeding”

Samenvatting van het arrest

1.        Harmonisatie van wetgevingen – Auteursrecht en naburige rechten – Richtlijn 93/83 – Satellietomroep en doorgifte via kabel – Gebruikmaking door omroepvennootschap die vanuit lidstaat uitzendt, van zendstation op grondgebied van andere lidstaat – Vergoeding voor gebruik van fonogrammen beheerst door wet van beide staten – Toelaatbaarheid

(Richtlijn 93/83 van de Raad)

2.        Harmonisatie van wetgevingen – Auteursrecht en naburige rechten – Verhuurrecht en uitleenrecht voor beschermde werken – Richtlijn 92/100 – Gebruikmaking door omroepvennootschap die vanuit lidstaat uitzendt, van zendstation op grondgebied van andere lidstaat – Vergoeding voor gebruik van fonogrammen – Recht van uitzendende vennootschap om deze vergoeding te verminderen met in staat van grondstation betaalde vergoeding – Geen

(Richtlijn 92/100 van de Raad, art. 8, lid 2)

1.        Wanneer een omroep die vanuit een lidstaat uitzendt, om een deel van zijn nationale publiek te bereiken, gebruik maakt van een nabijgelegen zendstation op het grondgebied van een andere lidstaat, verzet richtlijn 93/83 tot coördinatie van bepaalde voorschriften betreffende het auteursrecht en naburige rechten op het gebied van de satellietomroep en de doorgifte via de kabel, zich er niet tegen dat voor de vergoeding voor het gebruik van fonogrammen niet alleen de wettelijke regeling geldt van de lidstaat op het grondgebied waarvan de uitzendende vennootschap is gevestigd, maar tevens de wettelijke regeling van de lidstaat waarin zich om technische redenen het grondstation bevindt dat de betrokken uitzendingen naar de eerste staat doorgeeft.

(cf. punt 44, dictum 1)

2.        Artikel 8, lid 2, van richtlijn 92/100 betreffende het verhuurrecht, het uitleenrecht en bepaalde naburige rechten op het gebied van intellectuele eigendom moet aldus worden uitgelegd dat voor de vaststelling van de in deze bepaling genoemde billijke vergoeding de uitzendende vennootschap niet gerechtigd is om het bedrag van de vergoeding die zij verschuldigd is voor het gebruik van fonogrammen in de lidstaat waarin zij is gevestigd, eenzijdig te verminderen met het bedrag dat is betaald of wordt gevorderd in de lidstaat op wiens grondgebied zich het grondstation bevindt dat de uitzendingen naar de eerste staat doorgeeft.

(cf. punt 55, dictum 2)