Language of document :

Arrest van het Hof (Tweede kamer) van 11 september 2014 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Raad van State - Nederland) – Essent Energie Productie BV / Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

(Zaak C-91/13)1

(Associatieovereenkomst EEG-Turkije – Artikel 41, lid 1, van het aanvullend protocol en artikel 13 van besluit nr. 1/80 – Werkingssfeer – Invoering van nieuwe beperkingen met betrekking tot de vrijheid van vestiging, het vrij verrichten van diensten en de toegang tot arbeid – Verbod – Vrij verrichten van diensten – Artikelen 56 VWEU en 57 VWEU – Terbeschikkingstelling van werknemers – Onderdanen van derde landen – Vereiste van een tewerkstellingsvergunning voor de terbeschikkingstelling van arbeidskrachten)

Procestaal: Nederlands

Verwijzende rechter

Raad van State

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: Essent Energie Productie BV

Verwerende partij: Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Dictum

De artikelen 56 VWEU en 57 VWEU moeten aldus worden uitgelegd dat zij zich verzetten tegen een regeling van een lidstaat zoals die in het hoofdgeding, op grond waarvan een tewerkstellingsvergunning is vereist voor de terbeschikkingstelling van werknemers die onderdaan zijn van een derde land door een in een andere lidstaat gevestigde onderneming aan een in die eerste lidstaat gevestigde inlenende onderneming, die deze werknemers inzet om werkzaamheden te verrichten voor rekening van een andere onderneming, die ook in die lidstaat is gevestigd.

____________

1 PB C 147 van 25.5.2013.