Language of document :

Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Centrale Raad van Beroep (Nederland) op 12 april 2013 - Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank tegen L.F. Evans

(Zaak C-179/13)

Procestaal: Nederlands

Verwijzende rechter

Centrale Raad van Beroep

Partijen in het hoofdgeding

Verzoeker: Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (Svb)

Verweerster: L.F. Evans

Prejudiciële vragen

Moeten de artikelen 2 en/of 16 van verordening (EEG) nr. 1408/712 aldus worden uitgelegd dat een persoon als Evans, die onderdaan is van een lidstaat, gebruik heeft gemaakt van haar recht op vrij verkeer van werknemers, op wie de sociale zekerheidswetgeving van Nederland van toepassing is geweest en die vervolgens is gaan werken als lid van het bedienend personeel op het Consulaat-Generaal van de Verenigde Staten van Amerika in Nederland, vanaf de aanvang van die werkzaamheden niet langer onder de personele werkingssfeer van verordening nr. 1408/71 valt?

Zo neen:

a.    Moet artikel 3 van verordening nr. 1408/71 en/of artikel 7, tweede lid, van verordening (EEG) nr. 1612/68, aldus worden uitgelegd dat de toepassing van de geprivilegieerdenstatus op Evans, die in dit geval onder andere bestaat uit het niet verplicht verzekerd zijn voor de volksverzekeringen en het niet betalen van premies daarvoor, aangemerkt moet worden als een voldoende rechtvaardiging voor het gemaakte onderscheid naar nationaliteit?

b.    Welke betekenis moet in dit verband toegekend worden aan het feit dat Evans in december 1999 desgevraagd heeft gekozen voor de voortzetting van de geprivilegieerdenstatus?

____________

1 - Verordening van de Raad van 14 juni 1971 betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede op hun gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen (PB L 149, blz. 2).

2 - Verordening van de Raad van 15 oktober 1968 betreffende het vrije verkeer van werknemers binnen de Gemeenschap (PB L 257, blz. 2).