Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Administrativen sad Sofia-grad (Bulgarije) op 2 oktober 2020 – V.M.A. / Stolichna Obshtina, rayon „Pancharevo”

(Zaak C-490/20)

Procestaal: Bulgaars

Verwijzende rechter

Administrativen sad Sofia-grad

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: V.M.A.

Verwerende partij: Stolichna Obshtina, rayon „Pancharevo”

Prejudiciële vragen

Moeten de artikelen 20 en 21 VWEU en de artikelen 7, 24 en 45 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie aldus worden uitgelegd dat de Bulgaarse bestuurlijke autoriteiten, wanneer hen wordt verzocht om afgifte van een geboorteakte voor een in een andere Unielidstaat geboren kind van Bulgaarse nationaliteit − waarvan de geboorte wordt bevestigd door middel van een Spaanse geboorteakte waarin twee personen van het vrouwelijke geslacht als ouders worden vermeld zonder dat is gepreciseerd of een van hen, en zo ja, wie, de biologische moeder van het kind is − de opstelling van een Bulgaarse geboorteakte niet kunnen weigeren op grond dat verzoekster weigert te preciseren wie de biologische moeder is?

Moeten artikel 4, lid 2, VEU en artikel 9 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie aldus worden uitgelegd dat de bescherming van de nationale en constitutionele identiteit van de Unielidstaten impliceert dat zij met betrekking tot de regels voor de vaststelling van de afstamming over een ruime beoordelingsbevoegdheid beschikken? Meer bepaald:

–    Moet artikel 4, lid 2, VEU aldus worden uitgelegd dat de lidstaten kunnen verzoeken om informatie over de biologische afstamming van het kind?

–    Moet artikel 4, lid 2, VEU, gelezen in samenhang met artikel 7 en artikel 24, lid 2, van het Handvest, aldus worden uitgelegd dat het absoluut noodzakelijk is om de nationale en constitutionele identiteit van een lidstaat af te wegen tegen het belang van het kind, teneinde deze belangen met elkaar in evenwicht te brengen, gelet op het feit dat er op dit moment, noch vanuit het oogpunt van de waarden noch vanuit juridisch oogpunt, consensus bestaat over de mogelijkheid om personen van hetzelfde geslacht als ouders te vermelden in een geboorteakte zonder dat wordt gepreciseerd of een van hen, en zo ja, wie, de biologische ouder van het kind is? Indien het antwoord op deze vraag bevestigend luidt: hoe kan dit evenwicht van de belangen concreet worden verwezenlijkt?

Wanneer de ene moeder, die vermeld staat in de in een andere lidstaat afgegeven geboorteakte, onderdaan van het Verenigd Koninkrijk is, terwijl de andere moeder onderdaan van een Unielidstaat is, zijn dan voor de beantwoording van de eerste vraag de rechtsgevolgen van de Brexit van belang, met name gelet op het feit dat de weigering tot afgifte van een Bulgaarse geboorteakte voor het kind een belemmering vormt voor de afgifte van een identiteitsbewijs door een lidstaat van de Unie en dat dit, in voorkomend geval, de volledige uitoefening van de rechten van het betrokken kind als burger van de Unie bemoeilijkt?

Indien de eerste vraag bevestigend wordt beantwoord, verplicht het Unierecht, en met name het doeltreffendheidsbeginsel, de bevoegde nationale autoriteiten dan om af te wijken van het model voor de opstelling van een geboorteakte dat deel uitmaakt van het toepasselijke nationale recht?

____________