Mededeling in het PB

 

Verzoek van de Conseil d'Etat, afdeling geschillen van 3 december 2003 om een prejudiciële beslissing in het geding tussen Abdelkader Dellas, Confédération générale du travail, Fédération nationale des syndicats des services de santé et des services sociaux CFDT en Fédération nationale de l'action sociale Force Ouvrière tegen Secrétariat général du gouvernement - Interveniënte : Union des fédérations et syndicats nationaux d'employeurs sans but lucratif du secteur sanitaire, social et médico-social

(Zaak C-14/03)

De Conseil d'Etat, afdeling geschillen heeft bij beschikking van 3 december 2003, ingekomen ter griffie van het Hof van Justitie op 15 januari 2003, in het geding tussen Abdelkader Dellas, Confédération générale du travail, Fédération nationale des syndicats des services de santé et des services sociaux CFDT en Fédération nationale de l'action sociale Force Ouvrière tegen Secrétariat général du gouvernement - Interveniënte : Union des fédérations et syndicats nationaux d'employeurs sans but lucratif du secteur sanitaire, social et médico-social, het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen verzocht om een prejudiciële beslissing over de navolgende vragen:

1) Moet, gelet op het doel van richtlijn 93/104/EG1 - krachtens artikel 1, sub 1, "minimumvoorschriften inzake veiligheid en gezondheid op het gebied van de organisatie van de arbeidstijd" te bepalen - de definitie van het begrip arbeidstijd die deze richtlijn geeft enkel worden geacht te gelden voor de daarin neergelegde communautaire drempels, of heeft deze definitie een algemene draagwijdte en heeft zij derhalve ook betrekking op de drempels waarin de nationale regelingen voorzien, in het bijzonder ter omzetting van de betrokken richtlijn, ook al kunnen deze laatste, zoals bij Frankrijk het geval is met het oog op een goede bescherming van de werknemers, op een hoger niveau van bescherming zijn vastgesteld dan die van de richtlijn?

2)     In hoeverre kan een strikt proportioneel stelsel van gelijkstelling, waarbij alle uren aanwezigheid in aanmerking worden genomen, zij het met toepassing van een wegingsmechanisme op basis van de geringere arbeidsintensiteit gedurende de tijdvakken van inactiviteit, als verenigbaar met de richtlijn 93/104/EG van de Raad van 23 november 1993 worden beschouwd?    

____________

1 - Richtlijn 93/104/EG van de Raad van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd (PB L 307 van 13.12.1993, blz. 18).