Geschiedenis van het Hof
De geschiedenis van het Hof van Justitie is nauw verbonden met die van de Europese Unie zelf. Het Hof was aanvankelijk het gerechtelijke orgaan van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal, en is vervolgens uitgegroeid tot de gerechtelijke tak van de Unie zoals we die vandaag de dag kennen.
Deze pagina schetst de ontwikkeling van het Hof in de verschillende stadia van zijn geschiedenis.
1952 - 1958 – Het begin van het Hof van Justitie: het Hof van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal
Op 18 april 1951 hebben zes landen, namelijk België, Duitsland, Frankrijk, Italië, Luxemburg en Nederland, het Verdrag van Parijs ondertekend, waarbij de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) werd opgericht. De hoop leefde dat het voor deze landen onmogelijk zou zijn om ooit nog oorlog tegen elkaar te voeren wanneer de volledige kolen- en staalproductie in een gemeenschappelijke organisatie werd ondergebracht.

Bij het Verdrag van Parijs, dat op 23 juli 1952 in werking is getreden, zijn vier EGKS-instellingen opgericht:
- de Hoge Autoriteit (de voorloper van de Europese Commissie)
- de Gemeenschappelijke Vergadering (de voorloper van het Europees Parlement)
- de Bijzondere Raad van Ministers (de voorloper van de Raad van de Europese Unie)
- het Hof van Justitie
Het Hof van Justitie moest toezien op de uniforme toepassing van het EGKS-recht in alle lidstaten en beslechtte juridische geschillen tussen de lidstaten en de instellingen van de EGKS.
Na lange onderhandelingen tussen de regeringen werd Luxemburg gekozen als zetel voor drie van de vier EGKS-instellingen, waaronder het Hof van Justitie. De eerste plechtige zitting van het Hof vond plaats op 4 december 1952 in de Villa Vauban. Zeven rechters en één van de twee advocaten-generaal legden toen de eed af.
Het EU-Verdrag bepaalt nu dat het Hof één rechter per lidstaat telt. Tot 2003 bestond het Hof echter uit een vast aantal rechters, gelijk aan het aantal lidstaten of, bij een even aantal lidstaten, dat aantal plus één. Wanneer landen tot de EU toetraden, werd dit aantal dus steeds aangepast, maar het bleef een oneven aantal. Van 1952 tot 1973 waren er dus zeven rechters. Van 1981 tot 1995 was er ook een even aantal lidstaten, maar telde het Hof eveneens een extra rechter. Dit moest ervoor zorgen dat het bij een stemming nooit tot staking van stemmen zou komen. Dat probleem viel weg vanaf 2009, toen het Hof nog maar zelden zitting hield met alle rechters samen, maar met kamers begon te werken.
Het Hof kende vier procestalen: Duits, Frans, Italiaans en Nederlands. De eerste president van het Hof was Massimo Pilotti, die in functie was van 1952 tot 1958.

De eerste leden moesten beslissen over een aantal praktische aspecten. De resultaten daarvan zijn nog steeds zichtbaar.
Zo hebben zij het zegel van het Hof vastgesteld, dat vervolgens het logo van het Hof is geworden. De traditionele symbolen van rechtvaardigheid (het zwaard en de weegschaal) werden geplaatst voor een boek (het symbool van geleerdheid en wijsheid) en boven een krans van eikenbladeren (sinds de Romeinse tijd het symbool van autoriteit).
Het woord „Curia”, Latijn voor Hof, werd aan het zegel toegevoegd. Hierdoor hoefden er in het zegel geen verschillende talen te worden gebruikt. Dit woord staat nu in het internetadres van het Hof.
Die leden hebben ook besloten dat er toga’s zouden worden gedragen tijdens de zittingen van het Hof. Op voorstel van de Duitse rechter werd gekozen voor bordeauxrood, de kleur van de toga’s die de rechters in het Bundesgerichtshof (het Duitse federale hooggerechtshof) dragen. Deze kleur drukt nu ook haar stempel op de visuele identiteit van het Hof, onder andere op deze website.
Bijna twintig jaar lang droegen de leden van het Hof een hoofddeksel. In 1973 werd deze praktijk afgeschaft. Iets later werd er ook voor gekozen om de toga te voorzien van een eenvoudigere bef, die oorspronkelijk geborduurd was.
Niets in de toga’s onderscheidt het ene lid van het Hof van het andere, maar de voorkant van de toga van de griffier is afgezet met satijn en die van de rechters en de advocaten-generaal met fluweel.
Toen het Gerecht van eerste aanleg (nu het Gerecht) werd opgericht, is er gekozen voor marineblauwe toga’s.
In april 1953 werd de eerste zaak bij het Hof aangespannen: Verband Deutscher Reeder/Hoge Autoriteit (1/53). Maar het Hof heeft zijn eerste arresten pas op 21 december 1954 gewezen. Dit was in de volgende zaken:
- Frankrijk/Hoge Autoriteit (1/54)
- Italië/Hoge Autoriteit (2/54)

In de zaak Frankrijk/Hoge Autoriteit vocht de Franse regering bepaalde beslissingen van de Hoge Autoriteit aan met betrekking tot de prijzen en discriminerende praktijken in de staalsector. Het Hof oordeelde dat de Hoge Autoriteit het Verdrag had geschonden, waarin de voorafgaande publicatie van prijslijsten en verkoopvoorwaarden verplicht was gesteld.
Tussen 1954 en 1956 zag het Hof het aantal zaken toenemen en behandelde het tussen de 10 en 12 zaken per jaar.
1958 - 1988 – Drie Gemeenschappen, één Hof: het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
Op 25 maart 1957 ondertekenden de lidstaten de Verdragen van Rome. Deze Verdragen traden op 1 januari 1958 in werking en hiermee werden de Europese Economische Gemeenschap (EEG) en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (Euratom) opgericht.
Het Hof van Justitie van de EGKS werd vervangen door het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen. Dit ene hof was verantwoordelijk voor de EGKS, de EEG en Euratom. De president en de leden legden de eed af op 7 oktober 1958.
7 oktober is een belangrijke datum geworden op de kalender van het Hof van Justitie. De ambtstermijnen van rechters en advocaten-generaal beginnen nog steeds op deze datum. Om de drie jaar verstrijkt de ambtstermijn van de helft van de rechters en advocaten-generaal. Dit betekent dat deze datum een vaste datum op de kalender van het Hof van Justitie is geworden, aangezien sommige leden vertrekken, nieuwe leden toetreden en de ambtstermijn van andere leden met nog eens zes jaar wordt verlengd.
In juni 1961 ontving het Hof zijn eerste verzoek om een prejudiciële beslissing, dat werd ingediend door het gerechtshof Den Haag in de zaak De Geus en Uitdenbogerd/Bosch e.a. (13/61).
In de beginjaren heeft het Hof een aantal fundamentele grondwettelijke beginselen vastgelegd, zoals de beginselen van de rechtstreekse werking en de voorrang van het Unierecht.
Meer informatie over deze en andere belangrijke arresten is te vinden op onze pagina over Baanbrekende zaken van het Hof van Justitie.
Eind jaren '60 besloten de Luxemburgse autoriteiten dat alle EU-instellingen in Luxemburg op het Kirchbergplateau moesten worden gevestigd. Dit heeft geleid tot de bouw van het Paleis, dat in 1972 is voltooid.

Dit viel samen met de eerste uitbreiding van de EU op 1 januari 1973, toen het Verenigd Koninkrijk, Denemarken en Ierland toetraden. Het Hof groeide naar 9 rechters, 4 advocaten-generaal en 7 procestalen.
Na de toetreding van Griekenland op 1 januari 1981 werd het Hof uitgebreid tot 11 rechters, 5 advocaten-generaal en 8 procestalen.
Spanje en Portugal traden in 1986 toe, wat resulteerde in 13 rechters, 6 advocaten-generaal en 10 procestalen.
Om plaats te bieden aan het groeiende aantal leden en medewerkers werd het gebied rondom het Paleis opnieuw ingericht, wat drie opeenvolgende uitbreidingen van de gebouwen mogelijk maakte.
De werklast van het Hof is in deze periode ook aanzienlijk toegenomen, van 79 zaken in 1970 tot 279 zaken in 1980. Dit leidde tot de roep om de oprichting van een tweede rechtscollege. Tegen de tijd dat er actie werd ondernomen, was het aantal zaken in 1987 gestegen tot 395.
1988 - 2004 – Een gerechtelijk systeem met twee niveaus: de oprichting van het Gerecht van eerste aanleg
Na een verzoek van het Hof van Justitie besloot de Raad op 24 oktober 1988 om het Gerecht van eerste aanleg van de Europese Gemeenschappen op te richten. Dit moest de werklast van het Hof van Justitie verlichten, zodat het zich beter kon concentreren op zijn fundamentele taak om te zorgen voor een uniforme uitlegging van het Gemeenschapsrecht. De oprichting van het Gerecht van eerste aanleg heeft ook bijgedragen aan een betere rechtsbescherming voor bedrijven en particulieren, aangezien de nieuwe, lagere rechterlijke instantie bevoegd was voor dit soort zaken.
Het Gerecht van eerste aanleg moest voor bepaalde soorten zaken het nieuwe toegangspunt worden. Tegen al zijn beslissingen kon beroep worden aangetekend (een „hogere voorziening” worden ingesteld) bij het Hof van Justitie.
Aanvankelijk behandelde het Gerecht van eerste aanleg beroepen van bedrijven tegen mededingingsbesluiten en arbeidszaken van Europese ambtenaren. Zijn bevoegdheid werd echter al snel uitgebreid om een grote verscheidenheid aan zaken te kunnen behandelen.
Het Gerecht van eerste aanleg werd gehuisvest in het Erasmus-gebouw, dat in 1988 werd voltooid. De nieuwe leden legden de eed af op 25 september 1989.
Het Gerecht van eerste aanleg hield al snel zijn eerste zitting in de zaak Tetra Pak Rausing/Commissie (T‑51/89). Op 30 januari 1990 deed het zijn eerste uitspraak in de zaak Yorck von Wartenburg/Parlement (T‑42/89).
In de daaropvolgende jaren zijn de gebouwen van het Hof aanzienlijk uitgebreid. Het Thomas More-gebouw werd in 1992 voltooid en het Themis-gebouw was in 1994 af.

De meeste gebouwen van het Hof zijn vernoemd naar beroemde Europese juristen en rechtsfilosofen. Meer informatie over hen is te vinden op elk van de pagina’s over de gebouwen die hun naam dragen.
Tegelijkertijd bleef de EU groeien: bij de vierde uitbreiding op 1 januari 1995 traden Oostenrijk, Finland en Zweden toe tot de Unie. Het Hof van Justitie groeide naar 15 rechters en 9 advocaten-generaal. Het Gerecht werd ook uitgebreid tot 15 rechters. Beide rechterlijke instanties werkten nu in 12 procestalen.
De website van het Hof kwam in 1996 online. In eerste instantie bood deze site alleen toegang tot uitspraken van het Hof, maar al snel ontwikkelde zij zich tot een grotere site met persberichten en algemene informatie over het Hof.
Tegenwoordig biedt de website niet alleen toegang tot de volledige rechtspraak van het Hof van Justitie en het Gerecht, maar ook tot informatie over de werking van het Hof en zijn leden, en een groot aantal juridische hulpmiddelen voor professionals, academici en studenten.
Op 1 mei 2004 kende de EU haar grootste uitbreiding, met de toetreding van 10 nieuwe lidstaten: Tsjechië, Estland, Cyprus, Letland, Litouwen, Hongarije, Malta, Polen, Slowakije en Slovenië. Het Hof van Justitie telde nu 25 rechters en 8 advocaten-generaal. Het Gerecht werd ook uitgebreid tot 25 rechters. Beide rechterlijke instanties werkten nu in 21 procestalen.
Naarmate de EU groeide, nam ook de werklast van beide rechterlijke instanties gestaag toe.
2004 - 2016 – Hervorming van het rechtsstelsel van de EU
Op 2 november 2004 heeft de Raad het Gerecht voor ambtenarenzaken opgericht.
Dat Gerecht telde 7 rechters en behandelde geschillen tussen de EU-instellingen en hun personeel. Het werd opgericht om de werklast van het Gerecht van eerste aanleg te verminderen.
Op 1 januari 2007 zijn Bulgarije en Roemenië toegetreden tot de EU, waardoor het aantal rechters bij het Hof van Justitie en het Gerecht steeg tot 27 en het aantal procestalen tot 23. Het aantal advocaten-generaal bij het Hof van Justitie bleef 8.
Later dat jaar, op 13 december 2007, werd het Verdrag van Lissabon ondertekend. Dit Verdrag is op 1 december 2009 in werking getreden en bracht verschillende veranderingen met zich mee.
- De instelling werd omgedoopt tot het „Hof van Justitie van de Europese Unie".
- Het Gerecht van eerste aanleg werd omgedoopt tot het „Gerecht”.
- Het „artikel 255-comité” werd opgericht om de geschiktheid te beoordelen van de door de lidstaten voorgedragen kandidaten voor het ambt van rechter en advocaat-generaal.
Ook werd toen, in 2008, de „prejudiciële spoedprocedure” ingevoerd om het Hof in staat te stellen zeer snel een prejudiciële beslissing te geven wanneer dat nodig is, bijvoorbeeld in zaken waarbij personen in hechtenis zijn genomen of in zaken betreffende het ouderlijk gezag of de voogdij over jonge kinderen.
In 2008 werd met de Anneau, een gebouw van twee verdiepingen rondom het Paleis, en twee torens van elk 24 verdiepingen de vierde uitbreiding van de gebouwen van het Hof voltooid.

Naast deze structurele en architectonische veranderingen heeft het Hof ook stappen gezet om zijn werkmethodes te moderniseren. In 2011 heeft het Hof de mogelijkheden van de digitale technologie omarmd en werd de e-Curia-applicatie gelanceerd. Met deze toepassing kunnen advocaten en partijen elektronisch en veilig documenten uitwisselen met het Hof.
Op 1 juli 2013 werd Kroatië het 28e lid van de Unie en telde het Hof van Justitie 28 rechters en 8 advocaten-generaal. In oktober 2013 kwam er een negende advocaat-generaal bij. Het Gerecht werd ook uitgebreid tot 28 rechters. Beide rechterlijke instanties werkten nu in 24 procestalen.
Vanwege het stijgende aantal zaken en de noodzaak om een redelijke duur van de procedures bij het Gerecht te waarborgen, gaven de Raad en het Parlement in 2015 goedkeuring voor hervormingen van de structuur van het Hof. Het aantal rechters bij het Gerecht nam geleidelijk toe tot twee per lidstaat. Ook zijn er nog twee advocaten-generaal bij het Hof van Justitie bij gekomen.
Als onderdeel van dezelfde hervorming werd op 1 september 2016 het Gerecht voor ambtenarenzaken opgeheven. De verantwoordelijkheden van het Gerecht voor ambtenarenzaken zijn overgedragen aan het Gerecht.
2016 – de huidige modernisering en voortzetting van de justitiële hervorming
In 2017 hebben het Hof en de hoogste en grondwettelijke rechterlijke instanties van de lidstaten het Justitieel Netwerk van de Europese Unie (JNEU) opgericht, waardoor een nauwere samenwerking tussen deze rechterlijke instanties mogelijk werd.
In 2019 werd er een derde toren ingehuldigd.
De derde toren is de „Rocca-toren”, genoemd naar Giustina Rocca, die beschouwd wordt als de eerste vrouwelijke advocaat in de geschiedenis. Met een hoogte van 118 meter en 29 verdiepingen is dit het hoogste gebouw in Luxemburg.
In 2020 stapte het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie en werd het aantal rechters verminderd. Het Hof van Justitie telde nu 27 rechters en 11 advocaten-generaal. Het Gerecht telde nu 54 rechters. Het aantal proceduretalen is 24 gebleven.
2020 was ook het begin van de COVID-19-pandemie. Het Hof van Justitie en het Gerecht hebben voor het eerst een aantal zittingen per videoconferentie gehouden. Voor dit project ontving het Hof een innovatieprijs van de Europese Ombudsman.
In 2022 vond de eerste webstreamzitting van de Grote kamer van het Hof van Justitie plaats. Dit betekende dat elke burger een zitting van het Hof van Justitie kon bijwonen, ongeacht waar hij zich bevond.
Bij een belangrijke hervorming, die op 1 oktober 2024 in werking is getreden, werd de prejudiciële bevoegdheid deels overdragen aan het Gerecht. Dit werd mogelijk gemaakt door de eerdere hervorming in 2015 waarbij het aantal rechters van het Gerecht werd verdubbeld. Vanaf dat moment kon het Gerecht prejudiciële vragen behandelen die betrekking hebben op:
- btw
- douane, accijnzen of de tariefindeling van goederen
- handel in broeikasgasemissierechten
- schadevergoeding voor vliegtuigpassagiers
Deze gebieden zijn gekozen omdat ze al vaak aan de orde waren geweest bij het Hof van Justitie. Door die zaken over te dragen aan het Gerecht, kon het Hof van Justitie meer tijd besteden aan de gevoeligere zaken en aan de gerechtelijke dialoog met de nationale rechterlijke instanties.
Het Hof vandaag de dag
Vandaag de dag speelt het Hof een centrale rol in het rechtssysteem van de EU. Er zijn nu 81 rechters, 1 per lidstaat bij het Hof van Justitie en 2 per lidstaat bij het Gerecht, en 11 advocaten-generaal bij het Hof van Justitie. Het Hof zorgt ervoor dat de wetgeving van de Unie in de hele EU juist wordt toegepast en nageleefd. Dit helpt de verschillende landen van de EU om verenigd te zijn door een gemeenschappelijk juridisch kader.
De rol van het Hof heeft zich in de loop der tijd sterk ontwikkeld en is gevormd door historische uitspraken die de bevoegdheden van het Hof hebben vastgelegd en duidelijk hebben gemaakt hoe het Unierecht moet worden toegepast.
Het soort zaken waarover het Hof oordeelt is ook geëvolueerd, van economische kwesties naar zaken die bijna elk aspect van het moderne leven raken. Van het waarborgen van de rechten van werknemers, het garanderen van gelijke behandeling en het handhaven van antidiscriminatieregels, tot het beschermen van het milieu, het beschermen van de privacy van gegevens en het waarborgen van de rechtsstaat ... de uitspraken van het Hof blijven van grote invloed op de Europese samenleving.
