Gedragsregels voor leden en personeel van het Hof van Justitie van de Europese Unie
Iedereen die voor het Hof van Justitie van de Europese Unie werkt, moet voldoen aan de hoogste eisen op het gebied van integriteit en geheimhouding. Deze eisen gelden voor alle rechters, advocaten-generaal en griffiers van het Hof van Justitie en van het Gerecht, die samen de „leden” van het Hof van Justitie van de Europese Unie worden genoemd. De eisen gelden ook voor voormalige leden van het Hof. Voor het personeel van het Hof gelden vergelijkbare eisen.
Deze gedragsregels zijn opgenomen in een aantal wettelijk bindende documenten, waaronder met name het Verdrag betreffende de Europese Unie, het Statuut van het Hof en het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie. Al deze regels zijn door het Hof concreet uitgewerkt in twee gedragscodes. Er bestaat een gedragscode voor de leden en een andere voor het personeel. Samen vormen deze gedragscodes de hoeksteen van de beroepsnormen van het Hof.
Leden
De Gedragscode
In de Gedragscode voor de leden worden alle verplichtingen en regels die aan de leden van het Hof van Justitie en van het Gerecht worden opgelegd door het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, het Statuut van het Hof en de Reglementen voor de procesvoering, samengebracht en verduidelijkt. Volgens de Gedragscode moeten de leden zich volledig wijden aan hun werk bij het Hof. Zij moeten volkomen onafhankelijk, integer, waardig, onpartijdig en loyaal handelen, en geheimhouding in acht nemen. De Gedragscode geldt zowel voor de huidige als voor de voormalige leden van het Hof.
De Gedragscode in de praktijk
Onafhankelijkheid, integriteit en waardigheid
Om de onafhankelijkheid van de leden te garanderen, bepaalt de Gedragscode dat zij geen instructies van lidstaten of andere instellingen, organen of instanties van de EU mogen ontvangen, en daar evenmin om mogen vragen. Zij mogen geen geschenken aannemen die twijfels kunnen doen rijzen over hun onafhankelijkheid. Zij mogen zich niet zodanig gedragen of uitdrukken dat de onafhankelijkheid, integriteit of waardigheid van hun ambt in twijfel kan worden getrokken.
Onpartijdigheid en belangenverstrengeling
Zij moeten elke situatie vermijden die aanleiding kan geven tot of de schijn kan wekken van belangenverstrengeling. Om deze reden mogen zij geen zaken behandelen waarin zij een belang kunnen hebben of waarin zij eerder een van de partijen hebben vertegenwoordigd.
Om in dit opzicht voor meer transparantie te zorgen, moeten de leden bij de aanvaarding van hun ambt een verklaring met een overzicht van hun financiële belangen overleggen aan de president van het Hof. Deze informatie wordt samen met het cv van de leden gepubliceerd in de rubriek „Leden” op de website van het Hof. Wanneer hun situatie verandert, en bij de vervanging van de leden van het Hof eens in de drie jaar, dienen de leden een nieuwe verklaring in.
Nevenactiviteiten
Wanneer een lid een nevenactiviteit wil uitoefenen, moet het hiervoor goedkeuring krijgen van de algemene vergadering van het Hof of van het Gerecht.
Deze goedkeuring is nodig voor verschillende activiteiten die nauw verbonden zijn met het werk aan het Hof, waaronder:
- activiteiten waarbij een lid het Hof officieel vertegenwoordigt tijdens een evenement of ceremonie
- activiteiten waarbij een lid het Europees belang behartigt. Het kan daarbij gaan om:
- deelname aan conferenties, seminars of andere activiteiten ter bevordering van het EU-recht of van de dialoog met rechterlijke instanties;
- onderwijs;
- deelname aan een vergadering op uitnodiging of in aanwezigheid van een bekend persoon; of
- de ontvangst van een titel, eerbewijs of onderscheiding.
Het Hof publiceert jaarlijks een overzicht van deze activiteiten. Voor zover van toepassing bevat dit overzicht ook de uitgaven die het Hof heeft gedaan voor de goedgekeurde nevenactiviteiten van de leden.
- Lijst met nevenactiviteiten van de leden van het Hof van Justitie in het afgelopen jaar
- Lijst met nevenactiviteiten van de leden van het Gerecht in het afgelopen jaar
Na het einde van de ambtsuitoefening
Ook wanneer leden het Hof verlaten, blijft de Gedragscode voor hen gelden. Voormalige leden moeten integer, waardig en loyaal blijven handelen, en geheimhouding in acht blijven nemen.
Na het einde van hun ambtsuitoefening mogen zij niet betrokken zijn:
- bij zaken die bij het Hof aanhangig waren toen zij uit dienst gingen
- bij zaken die duidelijk verband houden met zaken die zij bij het Hof hebben behandeld
- als vertegenwoordiger van een partij bij zaken bij het Hof, gedurende drie jaar nadat zij uit dienst zijn gegaan
Personeel
De Gedragscode voor personeel van het Hof eist van personeelsleden dat zij zich voorbeeldig gedragen, in overeenstemming met de hoogste normen en waarden die ten grondslag liggen aan de Europese justitie.
Net als de leden van het Hof moeten personeelsleden volkomen onafhankelijk, onpartijdig, integer en loyaal handelen. Daarnaast moeten zij belangenverstrengeling vermijden. Nevenactiviteiten moeten worden goedgekeurd door het Hof.
Personeelsleden moeten voorkomen dat zij het gezag, de waardigheid of het imago van het Hof schaden, en moeten vertrouwelijkheid in acht nemen, in het bijzonder bij het gebruik van technologie of sociale media.
Zij moeten collega’s en ieder die in contact komt met het Hof beleefd behandelen en elk ongepast, beledigend of discriminerend gedrag achterwege laten.
Ook nadat zij uit dienst zijn gegaan moeten personeelsleden, net als de leden, zich houden aan de verplichting van vertrouwelijkheid en geheimhouding, en moeten zij zich discreet en eerlijk opstellen bij het aanvaarden van bepaalde functies of voordelen. De Gedragscode bevat ook specifieke regels voor managers en personen die direct samenwerken met rechters, gezien de bijzondere aard van hun werk.
